Bullet Journal – wie schrijft die blijft

Ik ben fan van mijn digitale agenda’s. Het is me gelukt om in één overzicht de gezinsagenda, privé-agenda, lessen, werkafspraken en alle taken te verwerken. Een onvermoeibare personal assistant op mijn telefoon die me al menig maal heeft gered van een debacle. Toen ik afgelopen jaar las over de hype van de bullet journal (bujo) had ik mijn (gebruikelijke) scepsis. Waarom terug naar papier, we hebben toch ook geen telefoon meer aan de muur hangen?

Het plan

Het verhaal van Ryder Caroll met zijn versie van een papieren agenda, bullet journal, bleef via verschillende kanalen terugkomen. Ik besloot voor mijzelf de proef op de som te nemen. Vanaf de zomervakantie zou ik het uitproberen. Ik kocht een eenvoudige bullet journal met stipjes en startte met een jaarplanning en een weekoverzicht. In de jaarplanning maakte ik 6 periodes:

  • Zomervakantie
  • Zomer tot herfstvakantie
  • Herfstvakantie tot kerstvakantie
  • Kerstvakantie tot voorjaarsvakantie
  • Voorjaarsvakantie tot meivakantie
  • Meivakantie tot zomervakantie.

Het idee was dat elke periode ongeveer 6 tot 8 weken bevat waarin ik een of meerdere doelen voor elkaar wil krijgen. Kort genoeg om gemotiveerd te blijven, lang genoeg om ook grotere zaken te kunnen doen. Per periode benoemde ik een aantal categorieën waarvan ik een ‘pet’ op heb. Bijvoorbeeld: ‘gezin’, ‘docent’, ‘mentor’, ‘werkrust’ etc… Bij elke categorie noteerde ik een doel voor die periode. In mijn geval waren dat 10 doelen.

Naast de jaarplanning gebruik een weekplanning. Deze ziet er ongeveer als een weekoverzicht in een reguliere agenda. Hierin noteerde ik mijn vaste afspraken, taken en soms wat losse krabbels.

De praktijk

Op papier (…) zag het plan er prima uit. De praktijk bleek toch wat anders te verlopen. Hieronder een aantal bevindingen na 2 periodes gebruik van de bullet journal:

  • Het schrijven, tekenen en ‘rommelen’ op papier werkt rustgevend. Ik merk dat ik net als vroeger met mijn schoolagenda’s afspraken makkelijker onthoud.
  • Het starten met invullen kost moeite. De zin ontbreekt vaak om even te gaan zitten om het bullet journal bij te werken. Als ik vervolgens eenmaal bezig ben zorgt het wel weer voor motivatie (het lijkt wel op hardlopen).
  • 10 doelen zijn voor mij te veel per periode. Blijkbaar ben ik teveel een gewoontedier. Drie doelen zijn voor mij realistischer.
  • De dagen dat ik het fanatiekst bezig ben in mijn bujo zijn de dinsdag (papadag) en het weekend. Na een lange werkdag heb ik vaak geen zin om een start te maken. Blijkbaar ligt mijn focus dan minder ver.
  • Ik gebruik mijn bujo vooral voor privé gerelateerde afspraken en taken. Op mijn werk ben ik blijkbaar nog steeds verankerd aan mijn Outlook ‘Getting-things-done’ systeem dat ik een overstap nog niet aan durf.

Het vervolg

Omdat ik heb gemerkt dat het werken met een bullet journal een positieve uitwerking heeft op mijn werkrust blijf ik er mee werken. Het zal wel naast mijn digitale organizers blijven als een soort hybride systeem. Wellicht dat ik een volgende periode een experiment met werk ga uitproberen (dan zeker meer daarover!).

Bronnen

Bronnen die mij inspireerden:

  • Blog van Tibor die het systeem van getting things done verwerkt met een bullet journal.
  • Artikel uit de NRC van Geertje Tuenter over de papieren agenda.
  • Boekje ‘Bullet journaling: zo doe je dat!’ van Lona Aalders
  • Video van Ryder Carroll waarin hij zijn methode uitlegt.

Geef een reactie